De Leuvense liberale partij Anders.Leuven steunt het buurtcomité ‘Overleg Buurtcomités Kessel-Lo (OBK) in hun teleurstelling nu de stad Leuven het mobiliteitsplan niet bijstuurt na een negatieve evaluatie.
Volgens het buurtcomité worden hun voorstellen, ondanks eerdere samenwerking met experts en deels succesvolle proefopstellingen, door het stadsbestuur naast zich neergelegd. Het OBK overweegt verdere acties.
“De groeiende bezorgdheid bij verschillende buurtcomités en bewoners in Kessel-Lo toont aan dat de discussie over het mobiliteitsplan verre van afgesloten is. Meer en meer inwoners stellen zich vragen bij de manier waarop verkeersoverlast verschuift naar bepaalde woonstraten, terwijl bijsturingen uitblijven. Wanneer woonstraten structureel gebruikt worden als alternatief voor steenwegen en hoofdassen, verlies je niet alleen leefbaarheid, maar ook het draagvlak voor elk mobiliteitsbeleid”, zo vinden ze bij Anders.Leuven.
“Wij begrijpen tegelijkertijd waarom niet elk voorstel zomaar kan worden ingevoerd. Een maatregel die verkeer uit een straat haalt maar verschuift naar smallere en minder veilige straten, lost weinig op. Mobiliteit is complexer dan een paar paaltjes plaatsen en hopen dat het verkeer verdwijnt. Veel bewoners hebben het gevoel dat de verkeersdruk gewoon verschoven is van de ene straat naar de andere. Mensen vragen geen mirakels, maar wel dat problemen sneller geëvalueerd en aangepakt worden”, zegt Nico Vidal, bestuurslid van Anders.Leuven en tevens inwoner van Kessel-Lo.
Meer gezond verstand
“Leuven heeft nood aan minder mobiliteitsdogma’s en meer gezond verstand. Bewoners verwachten geen perfectie, maar wel dat een stadsbestuur luistert, test en durft bijsturen wanneer maatregelen negatieve effecten hebben”, vult voorzitter Axel Delvoie aan. “Maar precies daarom is het onbegrijpelijk dat Leuven zo weinig experimenteert, bijstuurt en test. Vandaag lijkt elk mobiliteitsdossier vast te zitten tussen eindeloze studies, vergaderingen en ideologische loopgraven. Terwijl moderne steden net werken met tijdelijke proefopstellingen, data-analyse en snelle evaluaties. Voer maatregelen tijdelijk in, meet objectief de impact op verkeersstromen, leefbaarheid en veiligheid, en stuur vervolgens bij waar nodig. Dat is bestuur voeren op basis van realiteit in plaats van overtuiging”, klinkt het.
“Leuven profileert zich graag als innovatieve kennisstad, met universiteiten, onderzoekscentra en datagedreven beleid. Maar net op mobiliteit blijft men opvallend klassiek besturen. Waarom gebruikt Leuven zijn eigen kennis en expertise niet veel meer voor snelle proefprojecten, realtime metingen en flexibele evaluaties?”, vraagt Steven Vermoere, politiek secretaris van Anders.Leuven, zich af.
“Wie verkeer wegduwt zonder alternatieven te voorzien, mag niet verbaasd zijn dat mensen sluiproutes beginnen gebruiken. Mobiliteit los je niet op met slogans of betonblokken alleen. Je moet mensen ook realistische keuzes geven”, zegt Vermoere.
Anders.Leuven pleit daarom voor een pragmatische aanpak: meer tijdelijke proefprojecten in plaats van definitieve dogma’s, snellere evaluatie van neveneffecten, transparante metingen van verkeersstromen, overleg mét bewoners vóór problemen escaleren en investeringen in echte alternatieven, niet alleen in verbodsborden. “Leuven verdient minder tergend traag treuzelen en meer gezond verstand”, besluiten de drie heren.
“Voorstellen OBK niet wenselijk”
“Als stad Leuven hebben we de voorstellen van het Overleg Buurtcomités Kessel-Lo uitvoerig onderzocht en besproken met het OBK tijdens overlegmomenten, onder meer begin februari. Daarbij is per voorstel bekeken wat de impact zou zijn op verkeersveiligheid, leefbaarheid, doorstroming en verschuivingseffecten naar andere straten”, zo reageert schepen van Mobiliteit Dirk Vansina (CD&V).
“Op basis van die analyse en modeldoorrekeningen zijn de voorstellen vandaag niet weerhouden omdat ze in de praktijk onvoldoende haalbaar of wenselijk bleken. Zo zou het omvormen van de Eénmeilaan tot een eenrichtingsstraat leiden tot een verschuiving van gemotoriseerd verkeer naar onder meer de Liemingenstraat, Domeinstraat en Gemeentestraat. Dat zijn straten die minder geschikt zijn om bijkomend verkeer op te vangen en waar de fietsinfrastructuur beperkter is. De negatieve effecten wegen daarbij zwaarder door dan de mogelijke winst. Dat neemt niet weg dat de mobiliteitssituatie in heel Kessel-Lo blijvend gemonitord wordt”, besluit Vansina.