Resultaten stille drukjachten everzwijn in het Meerdaalwoud en de Dijlevallei

Ann Peeters
2 maanden geleden
door Ann Peeters

Natuur en Bos van de Vlaamse overheid organiseerde de voorbije dagen samen met jagers, landbouwers, de beheerders van de Doode Bemde en heel wat vrijwilligers de eerste stille drukjachten van 2020 op everzwijn. In totaal werden 25 everzwijnen geschoten. Dit is nog een eind verwijderd van het gestelde doel, om de everzwijnenpopulatie te stabiliseren is dit jaar een afschot van minstens 80 stuks noodzakelijk. Er zijn deze winter nog 2 zo’n jachtactiviteiten gepland (24 januari en 7 februari) en in het najaar volgen er nog 3.

Tussen 1958 en 2008 werden er Vlaams-Brabant – op een zeldzame doortrekker na – geen everzwijnen waargenomen. Vanaf 2016 werden de eerste biggen waargenomen in het Meerdaalwoud zodat we van een gevestigde populatie kunnen spreken. Naar alle waarschijnlijkheid zijn de dieren vanuit Wallonië naar het Meerdaalwoud, het Heverleebos en de Dijlevallei gemigreerd. Everzwijnen zijn gebonden aan grote loofbossen en de dieren spelen een belangrijke rol in de natuurlijke verjonging van soorten als eik en beuk, je vindt ze in alle grote West Europese bosgebieden.

In normale omstandigheden houden voedselgebrek, strenge winters en natuurlijke vijanden een everzwijnenpopulatie onder controle. “Strenge winters zijn geen evidentie meer, natuurlijke vijanden ontbreken en aan voedsel  (maïs, eikels) is in ons landschap geen gebrek. Daardoor nam de populatie snel toe ten zuiden van Leuven maar ook elders in Vlaanderen”, zegt regiobeheerder Bart Meuleman.

“Zo’n onevenredig grote populatie zorgt voor heel wat problemen. Landbouwers leiden schade en privétuinen worden omgewoeld tijdens nachtelijk everzwijnbezoek. Er werden meerdere verkeersongevallen met everzwijnen geregistreerd, ze houden lelijk huis in tuinen en ook in de bos- en natuurgebieden verstoort een overpopulatie het ecologisch evenwicht. Wie de dieren niet bedreigt of insluit loopt geen gevaar, maar er is al wel een melding van een loslopende hond die stevig werd aangepakt door een everzwijn.”

De aanwezigheid van everzwijnen wordt door het Instituut voor Natuur en Bos Onderzoek nauwgezet opgevolgd via wildcamera’s en er is een centraal meldpunt (e-locket www. Natuurenbos) waar burgers schade kunnen registreren. Op de website worden ook de voorwaarden voor een eventuele vergoeding van schade beschreven. Het nemen van preventiemaatregelen zoals het afrasteren van tuinen en akkers staat daarbij centraal.

“Die preventieve maatregelen kunnen de populatie evenwel niet stabiliseren of doen afnemen. De everzwijnen worden daarom ook bejaagd. Dit gebeurt planmatig. Er is nagenoeg het hele jaar rond intensieve jacht aan de rand van de natuurgebieden en in het landbouwgebied terwijl centraal in het bos een jachtvrije zone werd aangeduid. Wetenschappelijk onderzoek in Duitsland toonde aan dat deze combinatie leidt tot minder schade buiten de natuurgebieden. Everzwijnen zijn immers slim en weten snel waar ze veilig zijn.”

Er worden 2 jachtwijzen toegepast. “De individuele aanzitjacht en de stille drukjacht. De aanzitjacht gebeurt van op een 30-tal goed geplaatste hoogzitten nagenoeg het jaar rond, rond zonsopgang en zonsondergang.  Tijdens die jachtactiviteit blijven alle bospaden aangeduid op de gebruikerskaart toegankelijk. Stille drukjachten werden ten zuiden van Leuven reeds 8 keer georganiseerd sedert december 2018.”

Deze methode wordt al vele jaren met succes toegepast in Duitsland, in de Ardennen en recent ook in Vlaanderen. “Wat de methode zo bijzonder maakt, zeker in vergelijking met de klassieke drijfjachten is dat het wildbeheer op een veilige manier en met een beperkte verstoring kan worden uitgevoerd. Bij de organisatie worden ook de aangrenzende landbouwers, jagers, natuurbeheerders en de gemeentebesturen actief betrokken zodat er ook een breder draagvlak ontstaat zowel voor de aanwezigheid van dit iconische zoogdier in onze bossen als voor de noodzaak van actieve bejaging.”

Er staat daarbij een team met speurhonden klaar om desgevallend een nazoekactie te organiseren naar een gekwetst dier. Een veearts en het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek volgen de jachtactiviteit mee op en garanderen ook de conformiteit aan de regels mbt ziektepreventie.

Om de veiligheid nog beter te waarborgen worden de betrokken gebieden tijdens de stille drukjacht voor het publiek en andere boswerkzaamheden afgesloten. Aan de toegangspaden wordt dat verbod geafficheerd vanaf de dag vóór de activiteit, via de vaste infoborden worden de drukjachtdata aangekondigd.

“Sedert 2017 tot op vandaag werden in het Meerdaalwoud op die manier een 100-tal  everzwijnen geschoten.  Dit afschot was onvoldoende om de populatie te stabiliseren of te doen afnemen. Daarom worden er deze winter nog 2 drukjachten georganiseerd, naar alle waarschijnlijkheid zullen er de volgende jaren telkens minstens een 6-tal drukjachten in de periode december -februari moeten worden georganiseerd. De drukjachten van januari 2020 resulteerden in een afschot van 25 everzwijnen in het Meerdaalwoud en de Dijlevallei, er volgen nog een stille drukjacht aan de westzijde van het bos en in de Laanvallei later deze winter.”

Zo’n stille drukjacht vergt de inzet van veel vrijwilligers, jagers, trakkers, boswachters, bosarbeiders, samen meer dan 100 mensen. “Om ook breder geïnteresseerden de kans te geven meer inzicht te krijgen in het hoe en waarom organiseert Natuur en Bos samen met de jagers al ruim 15 jaar een grofwildtelling. Deze zal doorgaan op zondagochtend 2 februari 2020.  Info en inschrijven kan via anb.meerdaal@lne.vlaanderen.be”

Over de auteur

Ann Peeters

Ann Peeters