Drie mannen krijgen opschorting na zware vechtpartij op Oude Markt in Leuven

Door: Ann Peeters
Leuven
Afbeelding

De correctionele rechtbank van Leuven heeft drie mannen schuldig bevonden aan opzettelijke slagen tijdens een vechtpartij in de omgeving van de Oude Markt. Bij het geweld op 9 november 2023 liep een slachtoffer een breuk van de linker oogkas op. Toch krijgen de drie beklaagden geen effectieve straf. De rechtbank verleende hen op woensdag 21 oktober 2026 opschorting van de uitspraak van de veroordeling voor een periode van één jaar.

De feiten speelden zich af tijdens een avondje uit in het Leuvense stadscentrum. Wat begon met een woordenwisseling tussen twee personen, escaleerde tot een vechtpartij waarbij verschillende mensen klappen kregen. Twee mannen die probeerden tussenbeide te komen om het geweld te stoppen, werden zelf slachtoffer.

Uit camerabeelden blijkt dat een van de beklaagden een andere betrokkene met beide handen wegduwde, waardoor die zijn evenwicht verloor. Enkele seconden later sloeg hij een man die de ruzie probeerde te beëindigen met zijn linkervuist in het gezicht. Het slachtoffer kwam ten val en liep een breuk van de linker oogkas op.

Ook de twee andere beklaagden deelden slagen uit. Een van hen sloeg een tussenkomende man herhaaldelijk met gebalde vuist tegen het hoofd en het gezicht. De derde beklaagde had eerder al een andere betrokkene verschillende vuistslagen tegen het hoofd gegeven en sloeg vervolgens eveneens een man die de vechtpartij wilde stoppen.

Volgens de rechtbank tonen de camerabeelden duidelijk aan dat de twee tussenkomende slachtoffers zelf geen slagen uitdeelden.

Slachtoffer hield langdurige oogklachten over

Een van de slachtoffers ondervond ruim een jaar na de feiten nog altijd hinder aan zijn linkeroog. Omdat mogelijk sprake was van blijvend functieverlies, stelde de rechtbank een medisch deskundige aan.

Die bevestigde dat het slachtoffer tijdelijk beperkt was in zijn huishoudelijke activiteiten. De gevolgen voor zijn persoonlijke arbeid overschreden volgens het deskundigenonderzoek niet de termijn van vier maanden.

Het slachtoffer vorderde aanvankelijk 10.828,87 euro schadevergoeding, vermeerderd met interesten en een rechtsplegingsvergoeding van 1.726,74 euro. De betrokken beklaagde betaalde die bedragen inmiddels volledig.

De rechtbank kende het slachtoffer nog een symbolische euro toe en hield de mogelijkheid open om toekomstige medische kosten te verhalen, onder meer voor het verwijderen van materiaal dat bij de behandeling van zijn oogkasbreuk werd aangebracht en voor verdere controles bij de oogarts.

Ook het tweede slachtoffer werd inmiddels volledig vergoed.

Alcoholgebruik speelde belangrijke rol

Bij het bepalen van de straf hield de rechtbank rekening met de ernst van de feiten, maar ook met de persoonlijke omstandigheden van de drie mannen.

Volgens de rechtbank werd het geweld mede beïnvloed door alcoholgebruik. Dat vormt echter geen rechtvaardiging voor de feiten. De rechter benadrukte dat iedereen zich ook onder invloed van alcohol moet kunnen beheersen en dat bezoekers van het Leuvense uitgaansleven zich veilig moeten kunnen voelen.

De drie beklaagden hadden een blanco strafregister en erkenden tijdens de behandeling van de zaak hun verantwoordelijkheid.

Een van hen verklaarde dat hij geschrokken was toen hij de camerabeelden bekeek, omdat hij zichzelf nauwelijks herkende in zijn gewelddadige gedrag. De rechtbank oordeelde dat hij inmiddels inzicht had gekregen in de gevolgen van zijn alcoholgebruik.

Een van de beklaagden is inmiddels advocaat

Opvallend is dat de man die de oogkasbreuk veroorzaakte, inmiddels zelf advocaat is. Hij behaalde een masterdiploma in de rechten en is sinds september 2025 ingeschreven aan de balie van Antwerpen.

Volgens de rechtbank nam hij na de feiten zijn verantwoordelijkheid op, vergoedde hij het slachtoffer volledig en zijn er geen aanwijzingen dat hij eerder of later betrokken was bij gelijkaardig geweld.

Ook de twee andere beklaagden bouwden intussen een professionele loopbaan uit. Een van hen behaalde een diploma burgerlijk ingenieur, volgde een bijkomende masteropleiding en werkt als analist. De andere behaalde een diploma handelsingenieur en deed professionele ervaring op via verschillende stages.

De rechtbank beschouwt de feiten bij alle drie als een eenmalige ontsporing en schat het risico op herhaling laag in.

Geen werkstraf ondanks vraag openbaar ministerie

Het openbaar ministerie had een werkstraf gevorderd, maar de rechtbank ging daar niet op in.

Volgens de rechter hebben de beklaagden door de strafprocedure, hun schuldbesef en de vergoeding van de slachtoffers al belangrijke gevolgen van hun gedrag ondervonden. Een bijkomende bestraffing werd daarom niet noodzakelijk geacht.

Alle drie krijgen opschorting van de uitspraak van de veroordeling gedurende een proeftijd van één jaar. Dat betekent dat de feiten bewezen zijn verklaard, maar dat de rechtbank voorlopig geen strafrechtelijke veroordeling uitspreekt.

De mannen moeten wel elk een bijdrage van 26 euro aan het Fonds voor juridische bijstand, een vaste vergoeding van 62,37 euro en hun aandeel in de gerechtskosten betalen. De beklaagde die de oogkasbreuk veroorzaakte, moet daarnaast de deskundigenkosten van 708,23 euro dragen.

Met die beslissing wil de rechtbank het ontoelaatbare karakter van het geweld benadrukken, zonder de professionele toekomst van de drie mannen onnodig te hypothekeren.