Toerisme in Vlaams-Brabant groeit naar bijna 2,5 miljoen overnachtingen, ook Hageland in de lift

Door: Patrick Breuls
Regio Leuven
Foto: Vlaams Parlementslid en burgemeester van Tielt-Winge Katrien Houtmeyers (N-VA) ziet het toerisme in Vlaams-Brabant en het Hageland verder groeien.
Foto: Vlaams Parlementslid en burgemeester van Tielt-Winge Katrien Houtmeyers (N-VA) ziet het toerisme in Vlaams-Brabant en het Hageland verder groeien.

Het toerisme in Vlaams-Brabant blijft in de lift zitten. In 2025 registreerde de provincie bijna 1,4 miljoen toeristische aankomsten en net geen 2,5 miljoen overnachtingen. Ook het Hageland zet zijn groei voort. Dat blijkt uit cijfers die Vlaams Parlementslid en burgemeester van Tielt-Winge Katrien Houtmeyers (N-VA) opvroeg bij de Vlaamse minister van Toerisme.

Vlaams-Brabant telde vorig jaar 1.393.621 toeristische aankomsten, tegenover 1.326.596 in 2024. Ook het aantal overnachtingen ging omhoog, van 2.367.954 naar 2.499.988. In vergelijking met 2020 is de stijging nog veel groter. Toen werden 399.046 aankomsten en 805.360 overnachtingen geregistreerd, al was 2020 door de coronacrisis een uitzonderlijk zwak toeristisch jaar.

Ook het aandeel van Vlaams-Brabant in het totale Vlaamse toerisme neemt toe. In 2025 was de provincie goed voor 9,1 procent van alle toeristische aankomsten in Vlaanderen, tegenover 7,4 procent in 2020. Bij de overnachtingen steeg het aandeel in dezelfde periode van 5,3 naar 6,9 procent.

Vooral de cijfers van het Hageland vallen op. Het aantal toeristische aankomsten steeg er van 39.789 in 2020 naar 97.518 in 2025, een toename met 145 procent. Het aantal overnachtingen groeide van 134.976 naar 238.664, goed voor een stijging met 77 procent.

“De cijfers bevestigen dat Vlaams-Brabant toeristisch steeds sterker op de kaart staat. Ook het Hageland heeft met zijn wijngaarden, fiets- en wandelmogelijkheden, natuur, erfgoed en streekproducten heel wat troeven in handen. Het komt er nu op aan die groei verder te ondersteunen en bezoekers ook te overtuigen om langer in onze regio te verblijven”, zegt Houtmeyers.

Het toerisme is ook economisch belangrijk voor de provincie. In 2024 waren in Vlaams-Brabant 43.477 mensen actief in de sector, onder wie 13.329 zelfstandigen. Daarmee vertegenwoordigt Vlaams-Brabant 14 procent van alle mensen die in Vlaanderen, inclusief Brussel, in de toeristische sector werken. Vooral horeca, voeding en drankverstrekking en personenvervoer zorgen voor veel werkgelegenheid.

Toerisme Vlaanderen ziet nog bijkomende mogelijkheden om Vlaams-Brabant internationaal te promoten. Voor het Hageland liggen er volgens Houtmeyers vooral kansen op het vlak van wijnbeleving, natuur- en watertoerisme en fietsen en wandelen. Leuven kan dan weer zijn erfgoed en biercultuur verder uitspelen. Ook meetings en congressen worden als een groeimarkt beschouwd.

De komende jaren staan verschillende toeristische blikvangers op het programma. Zo wordt ingezet op de opening van het Vesaliusmuseum in Leuven. In 2028 moet natuur- en waterbeleving extra aandacht krijgen, met onder meer de Brabantse Wouden als internationale trekpleister. In 2030 wordt Leuven Europese Culturele Hoofdstad, waarbij ook de omliggende regio mee van de internationale belangstelling moet profiteren.

“Vlaams-Brabant hoeft toeristisch voor geen enkele andere provincie onder te doen. Leuven is een internationale trekpleister, maar ook daarbuiten hebben we enorm veel te bieden. Zeker voor het Hageland liggen er nog kansen om onze wijnbeleving, natuur en fiets- en wandeltoerisme sterker uit te spelen. Die troeven moeten we blijven vertalen in meer bezoekers én meer overnachtingen”, besluit Houtmeyers.