Floor werd seksueel misbruikt door een hulpverlener en schrijft open brief na misbruik aan KUL: “Ik was een leugenaar”

Afbeelding

Floor Verhamme, slachtoffer van seksueel geweld en bestuurslid van lotgenotenorganisatie Anaktisi vzw uit Wespelaar voelde zich door de gebeurtenissen van de voorbije week aan de KU Leuven geroepen om

Beste lezer,

Ik heb getwijfeld om deze brief te schrijven vanwege de mediatisering van het dossier KU Leuven dat tegen de wil van het slachtoffer en haar omgeving is gebeurd. Maar ik voel een morele plicht om dit toch te doen. Want de media besteedt heel veel aandacht aan de feiten van de rechtszaak, de dader en de meningen van politici maar houden geen rekening met de wensen van het slachtoffer.

Ik ben ervaringsdeskundige van seksueel geweld en een bestuurslid van een lotgenotenorganisatie Anaktisi vzw. Deze week hoorde ik twijfel bij slachtoffers om nog klacht in te dienen omdat ze bang zijn dat hun trauma ook uitgebreid in de krant of in debatten aanbod zouden komen. Er was ook veel verontwaardiging bij het feit dat de wensen van het slachtoffer weer eens niet gerespecteerd werden en voor andere slachtoffers opende het oude wonden door de manier waarop er over het dossier gecommuniceerd werd.

Als een ervaringsdeskundige, dus ook een slachtoffer van seksueel geweld, weet ik wat de effecten kunnen zijn van het ongewenst publiceren en de mediatisering van een gerechtelijk proces . Een zestal jaar geleden is mijn dader veroordeeld voor feiten dat hij op mij heeft gepleegd. De dag na het vonnis van beroep stond er in verschillende kranten een artikel over mijn proces. Sommige artikels waren sensatiestukken. Zo werd er beschreven waar de feiten gepleegd zijn, fragmenten uit verhoren publiekelijk gemaakt en pijnlijke delen van mijn herstelproces kon je gewoon lezen. Dit allemaal zonder de wensen van mij en mijn omgeving hierin te bevragen. Gelukkig is mijn proces toen niet opgepikt door praat- en debatprogramma’s, maar toen werd er over mijn grens gegaan. Mensen die ik niet kende konden de pijnlijkste momenten van mijn leven lezen en er werden meningen over mij gevormd. Zo kon ik op sociale media lezen dat ik een leugenaar was en dat ik het deed voor de aandacht of voor het geld. Omdat mijn dader een hulpverlener was, kon zo’n man niet in staat zijn om zulke feiten te plegen. Gelukkig begint de maatschappelijke visie te veranderen naar slachtoffers toe en probeert men meer ondersteunend te zijn voor hen. Maar de wijze waarop afgelopen week het debat gevoerd werd en de vraag van het slachtoffer genegeerd werd ontstaat een reële kans dat de drempel om hulp te zoeken voor sommige slachtoffers verhoogd is in plaats van verlaagd. Een populariserend debat is verre van ideaal.

Begrijp me niet verkeerd, het is goed dat er een maatschappelijk debat is over het verbeteren van de ondersteuning van slachtoffers door bijvoorbeeld een extern meldpunt voor seksueel grensoverschrijdend gedrag voor hoger onderwijs. Dit idee bestaat al heel lang, we zijn dan ook blij dat er eindelijk werk van gemaakt zou worden. Er is ook iets te zeggen over hoe de interne procedure aan de universiteiten werken, maar hierover is er al genoeg inkt gevloeid. De meningen werden gevraagd van politici , academici en soms de man en de vrouw op de straat. Maar waar was de stem van slachtoffers in dit debat? In dit land bestaan er verschillende lotgenotenorganisaties die opkomen voor een betere hulpverlening voor slachtoffers zoals Anaktisi vzw. Het is opvallend dat zo’n organisaties zelden of nooit om hun mening worden gevraagd of aan het woord worden gelaten.

Dit debat zou serener kunnen verlopen. En wij als slachtofferorganisatie betreuren hoe het debat tot stand is gekomen. Vorig weekend profileerde een minister zich met een dossier waarvan ze niet alle feiten van kende. Ondanks de vraag van het slachtoffer om dit niet in de media te communiceren besloot de minister haar wens en grens niet te respecteren. Dit in de kader van het maatschappelijk belang. Dat de minister opheldering vraagt over de handelingen die KU Leuven heeft gesteld, is normaal. Wat mij stoorde, was de manier waarop. Indien ze een paar dagen geduld had, kon ze in het rapport van de regeringscommissaris lezen dat er geen aanwijzingen waren van een doofpotoperatie.

Het is algemeen geweten dat er in het verleden heel veel feiten van seksueel grensoverschrijdend gedrag geminimaliseerd en/of onder de mat geschoven werden om de naam en reputatie van de universiteiten, bedrijven, organisaties, personen, . te redden. Daarom is het belangrijk dat interne procedures bestaan en geëvalueerd worden én bevindingen goed gecommuniceerd worden naar de maatschappij toe. Onze mening is dat dit neutraal kan gebeuren en niet naar aanleiding van specifieke dossiers.

Wij juichen toe dat er eindelijk werk gemaakt zou worden van er een extern meldpunt voor slachtoffers van seksueel geweld in het hoger onderwijs. Sinds 2018 ligt dit voorstel al op tafel, je kan dit voorstel ook terugvinden in het Vlaams actieplan seksueel geweld dat in 2020 werd opgesteld. Maar dit werd helaas tot op heden nog niet gerealiseerd. We roepen de overheid op om deze lijn doortrekken naar alle beleidsdomeinen binnen de maatschappij zoals bijvoorbeeld sport, cultuur, zorginstellingen, .. en dat alle kabinetten budgetten vrijmaken. Dit allemaal in dialoog met hulp- en slachtofferorganisaties.

De slachtoffers en de maatschappij zouden beter geholpen zijn met een neutraal, objectief, sereen algemeen debat in plaats van hetgeen we de afgelopen dagen gezien, gelezen en gehoord hebben!

Met vriendelijke groeten,

Floor Verhamme
Bestuurslid Anaktisi vzw

floor.verhamme@anaktisivzw.be

https://anaktisivzw.be/