De hele sector kinderopvang kampt met personeelstekorten. De werkdruk ligt te hoog, waardoor er overgeschakeld wordt op verminderde dienstverlening.
Dat er meer handen nodig zijn in de kinderopvang is vandaag een understatement. Er is zowel een tekort aan kinderbegeleiders als aan kinderopvangplaatsen. In Leuven staan zo’n 400 kinderen op de noodlijst voor een dringend plekje in een kinderdagverblijf of bij een onthaalouder. Om al die kinderen een plaatsje te kunnen geven, komt Leuven 75 kinderbegeleiders tekort om aan de huidige ratio van 1 op 8 of 9 kinderen te werken. “Reken daar nog 175 kinderbegeleiders bij om alle kinderen de goede zorg te kunnen geven die kinderdagverblijven zouden willen geven en opdat elke kinderbegeleider voor maximaal zes kindjes zou zorgen”, zegt Heidi Van Hentenrijk, afgevaardigde van het samenwerkingsverband Centrum voor Kinderopvang Leuven en verantwoordelijke van een Leuvens kinderdagverblijf.
“Nu moet één kinderbegeleider zorgen voor acht kinderen en zelfs negen of meer als er twee begeleiders in de groep staan. Maar een kind vraagt veel individuele aandacht. Als een van die twee begeleiders aan één kind de nodige aandacht geeft om bijvoorbeeld de luier te verversen, dan staat op dat moment de collega alleen in voor 17 of meer kinderen. Dat maakt dat er geen tijd is om de baby ook nog even liefdevol toe te spreken of een liedje te zingen. De werkdruk ligt daarvoor te hoog, waardoor enkel nog de basisnoden vervuld kunnen worden. Maar het allerbelangrijkste voor de goede ontwikkeling van een kind is dat de zorg met heel veel individuele aandacht gebeurt. Dat is vandaag nauwelijks nog mogelijk doordat het aantal kinderen per begeleider veel te hoog ligt in Vlaanderen, veel hoger dan in al onze buurlanden”, zegt Annick Desutter, afgevaardigde van het samenwerkingsverband Centrum voor Kinderopvang Leuven en verantwoordelijke van een Leuvens kinderdagverblijf.
Die eerste 1000 dagen, vanaf de bevruchting tot de tweede verjaardag, hebben immers een zeer grote invloed op de ontwikkeling van kinderen en de kansen in het latere leven. Bij baby’s gaat het onder andere om het juist interpreteren van signalen en het fysiek en emotioneel nabij zijn bij kinderen. Bij peuters gaat het over uitdagen en feedback geven. Tijdens de eerste 1000 dagen van een kind wordt de basis gelegd voor de lichamelijke, geestelijke en sociaal-emotionele ontwikkeling. Goede kinderopvang geeft kinderen een optimale start, pakt sociale ongelijkheid aan en ondersteunt gezinnen om hun engagementen in de samenleving op te nemen.