Op de gemeenteraad van 26 mei werd beslist om de Erfgoedraad op te nemen in de Gemeentelijke Commissie voor Ruimtelijke Ordening.
De gemeentelijke commissie ruimtelijke ordening (GECORO) is een verplicht adviesorgaan van steden en gemeenten. De GECORO geeft adviezen over het ruimtelijk beleid van de gemeente aan het college of de gemeenteraad. In bepaalde gevallen is het advies van de GECORO zelfs verplicht.
Gecoro Leuven heeft bij het stadbestuur aangegeven het geen goed idee te vinden om de Erfgoedraad in te kantelen in de Gecoro. Op basis van de evaluatie die vorig jaar gebeurde en de ervaring van meer dan 20 jaar werking, is de Gecoro van oordeel dat in de stad Leuven een adviserend orgaan ontbreekt voor stedelijke ontwikkelingsprojecten.
“Meerdere malen werd de Gecoro geconfronteerd met stedenbouwkundige uitdagingen, waarvoor ze niet de adequate expertise, noch de tijd vindt om deze op een professionele manier te adviseren”, zegt Joris Scheers, Voorzitter Gecoro Leuven. “De Gecoro werkt namelijk op een stadsbreed beleidsniveau. Net op het niveau van het bouwblok is er in een historische stad als Leuven nood aan een gevoelig en kwaliteitsvol samengaan van architectuur en erfgoed. De voorgestelde inkanteling en de uitbreiding van 1 erfgoedspecialist vandaag naar 4 in het eerder deze week genomen gemeenteraadsbesluit, gaat daarenboven voorbij aan het belang van aspecten zoals mobiliteit, klimaat, economische ontwikkeling, huisvesting, water, groenvoorzieningen, toegankelijkheid, biodiversiteit en dergelijke.”
In de nieuwe samenstelling verdienen eerder die aspecten versterking dan een inkanteling van het - eveneens belangrijke -erfgoed. “De Gecoro vraagt de stad om eindelijk werk te maken van een adviesorgaan of enige andere vorm van kwaliteitsbewaking die op het stedenbouwkundig niveau nieuwe ontwikkelingen een kans geeft door nieuwe architectuur en erfgoed te bundelen. Door beide op een kwalitatieve manier te integreren, sluiten we aan bij de historische traditie, die onze stad pareltjes als het stadhuis, de begijnhoven en universitaire colleges, heeft geschonken.”
Eerder uitte het Leuvens Historisch Genootschap ook al haar ongenoegen.