Ook leerkracht Stijn mag eindelijk weer naar school

2 weken geleden
door Redactie

Stijn Huybrighs (42) geeft Frans in het vijfde en zesde jaar in Sancta Maria Leuven. Sinds maandag mogen de zesdejaars weer naar school. Dus ook Stijn, en dat “was bijna even spannend als de eerste schooldag”, zegt hij.

Even terugspoelen naar die bewuste vrijdag in maart, de laatste schooldag voor uiteindelijk negen lange weken. “We zagen de school uur na uur leeglopen. Sommige leerkrachten waren al thuis gebleven omdat ze een risicogroep vormden, dus lessen vielen weg en leerlingen dropen mondjesmaat af. Ik heb die dag een foto getrokken toen de school helemaal leeg was: toen had ik al het voorgevoel dat dit veel langer dan drie weken zou duren”, vertelt Stijn.

In de eerste weken van de coronamaatregelen was het voor Stijn en zijn collega’s wat improviseren, maar de stap naar afstandsonderwijs ging uiteindelijk heel vlot, ook voor leerkrachten die minder bekend waren met de digitale wereld. “Het is verbazingwekkend goed verlopen: veel leerkrachten hebben zichzelf in deze weken echt heruitgevonden”, aldus Stijn.

Maar het gemis naar het echte onderwijs dook al snel op. Ook voor de leerlingen. “In het begin vonden de leerlingen dat in hun woorden nog “chill”, maar ook zij misten de schoolbanken al snel. Desondanks bleven ze bijna allemaal volhouden, dat heeft mij heel positief verrast. Natuurlijk bereik je niet iedereen: zij die het op school al moeilijker hadden, geraken nu nog meer achterop. Ook hen probeer ik aan boord te houden, door ze nauwer op te volgen”, legt hij uit.

Negen weken na die laatste schooldag was de heropstart van de scholen iets om naar uit te kijken. Voor Stijn en zijn collega’s, maar ook voor de leerlingen. Een beetje aarzelend slaagde de school er toch in een scenario uit te tekenen dat veilig was, maar niet te steriel aanvoelde.

Deze maandag was het dan zo ver. De nieuwe eerste schooldag, althans voor de zesdejaars en voor hun leerkrachten. “Ik vond het heel fijn dat ik terug naar school mocht, zodat ik terug kon gaan doen wat we graag doen, wat we moeten doen. Het voelde haast als ‘de eerste schooldag’”, zegt Stijn.

Ondanks de blijdschap hing er toch een bevreemdende sfeer op school: alle banken ver uit elkaar, iedereen met een mondmasker, op je stoel blijven zitten tussen de lessen door … Dat is toch even aanpassen. Ook om les te geven is zo’n mondmasker niet evident, laat staan in een vreemde taal: “Als je een taalvak geeft, is mimiek heel belangrijk, en die valt door zo’n mondmasker weg. Je verstaat leerlingen ook minder goed en dat vraagt toch een andere communicatie. Maar dat alles weegt niet op tegen het feit dat we terug mochten starten”, kadert Stijn.

Stijn gelooft dat ons secundair onderwijs na corona definitief gaat veranderen: “Afstandsonderwijs is zeker niet zaligmakend, maar we hebben toch ontdekt dat een aantal elementen goed werken. Waarom zouden we er bijvoorbeeld aan vasthouden dat jongeren 32 lesuren op school moeten zijn? Misschien bestaan er wel alternatieven waardoor leerlingen meer op hun eigen ritme kunnen leren.”

“In deze periode hebben we nog veel intenser samengewerkt dan voorheen. Uit noodzaak, maar voor veel collega’s was dat een positieve ervaring. Zo blijkt dat je samen toch hele mooie dingen kan doen”, vult Stijn aan.

Wat Stijn tot slot het meest bijblijft, is hoe fantastisch leerlingen het afstandsonderwijs hebben volgehouden en hoe een groot deel dat nog steeds doet: “Men mag veel zeggen over deze generatie jongeren, maar nu blijkt hoe veerkrachtig ze wel zijn. Ik kan dat alleen maar bewonderen”.

Over de auteur

Redactie