Van vijf jaar celstraf naar 200 uur werkstraf voor het neersteken van een taxichauffeur voor het Leuvense gerechtsgebouw

Leuven
Afbeelding

Taxichauffeur Rafet Özer (58) werd op de ochtend van Kerstmis 2015 neergestoken. Voor de dader werd eerst vijftien jaar cel gevraagd, hij kwam er vanaf met vijf jaar en in beroep met een werkstraf.

De chauffeur had die ochtend een discussie met een klant. Bij de betaling in Bertem zou er een discussie zijn ontstaan over de prijs. De taxichauffeur moest het stellen met 10 euro in plaats van de gevraagde 13,7 euro. De geïrriteerde klant had een vriend gecontacteerd die de taxichauffeur een lesje moest leren. Hieromtrent hadden de opdrachtgever en de dader drie keer contact met elkaar. Op de standplaats van de taxi riep de gecontacteerde dader eerst nog: “Ik maak u kapot”. Daarna volgden twee mesaanvallen. De eerste werd afgeweerd, de tweede raakte de chauffeur in de linkerborst. Hij kon nog rechtkrabbelen maar stortte neer aan de trappen van het Sint-Pieterskerk. Op de bewakingscamera van het gerechtsgebouw werd het voorval wel gefilmd.

Een week later werden de twee gearresteerd en beschuldigd van de moordpoging. Bij huiszoekingen werd kledij gevonden van motorbende Dead Cowboys, een bevriende bende van de Outlaws. De agressor zou de mesaanval hebben uitgevoerd om volwaardig lid van hen te kunnen worden. Beiden zaten vier maanden in voorhechtenis. 

In eerste aanleg werd in Leuven vijftien jaar cel gevraagd door het openbaar ministerie. De rechter kende er daarvan vijf toe. Na een procedureslag van acht jaar kwam de messentrekker er vanaf met een werkstraf van 200 uur. Volgens de Brusselse rechter kon de intentie tot doden niet aangetoond worden ondanks het gegeven dat de messteek zich amper op drie centimeter van het hart bevond. De messteek werd finaal als opzettelijke slagen en verwondingen met arbeidsongeschiktheid tot gevolg bestempeld. Er werd ook een werkstraf uitgesproken omdat de redelijke termijn in de zaak, de duur van de behandeling dus, enorm lang was.