In 2005 startte cambio autodelen in Leuven met vier wagens. Twintig jaar later telt de stad zo’n 200 deelwagens verspreid over 70 standplaatsen, goed voor meer dan 5.200 gebruikers. Dat betekent dat bijna 6% van de Leuvenaars vandaag via Cambio autodeelt. Leuven is daarmee koploper in Vlaanderen.
“Autodelen is in Leuven al lang geen niche meer. Steeds meer inwoners ontdekken dat het perfect mogelijk is om flexibel en duurzaam te leven zonder eigen auto. Dankzij het uitgebreide cambio-netwerk in onze stad is er vandaag voor bijna elke Leuvenaar een deelwagen binnen bereik”, zegt schepen van Mobiliteit Dirk Vansina (CD&V).
Groeiend aanbod De afgelopen maanden kwamen er nog nieuwe standplaatsen bij in de Ierse Predikherenstraat, de P.J. Verhaghenstraat en op het Vredeplein. Ook het aanbod werd diverser. Met drie XL-deelwagens (aan de Mechelsevest en Tervuursepoort) beantwoordt het aan de groeiende vraag naar grotere voertuigen, handig voor verhuisritten of grotere verplaatsingen.
“Met 200 deelwagens, verspreid over meer dan 70 ophaalpunten in de hele stad, heeft elke Leuvenaar wel een cambio deelwagen op wandel- of fietsafstand”, vult Geert Gisquière aan, directeur van Cambio Vlaanderen. “Daarbij zijn we heel blij dat 6% van de Leuvenaars de weg naar onze cambio-wagens al gevonden hebben. En we hopen in de toekomst nog meer mensen te overtuigen van het gemak van autodelen met cambio. Autodelen biedt comfort zonder de lasten van een eigen wagen. Gebruikers moeten niet zorgen voor het onderhoud, moeten niet naar de keuring en hebben geen hoge vaste kosten. En het past binnen een duurzame levensstijl”, klinkt het.
Minder auto’s, meer ruimte Elke deelwagen vervangt gemiddeld tien privéwagens. In Leuven betekent dat dat de huidige vloot ongeveer 2.000 auto’s van de straat houdt, goed voor vijf voetbalvelden aan vrijgemaakte ruimte.
“Autodelen helpt ons om Leuven leefbaarder te maken. Minder auto’s betekent meer ruimte, rust en veiligheid. Het toont dat duurzame mobiliteit niet ten koste gaat van comfort, maar juist bijdraagt aan een aangenamere stad”, besluit Vansina.