Kasteel Maisin en park voorlopig beschermd als monument

Kirsten Bosmans
2 weken geleden
door Kirsten Bosmans

Op vraag van de stad Leuven beschermt Vlaams minister van Onroerend Erfgoed Matthias Diependaele kasteel Maisin (met park) aan de Tiensesteenweg als monument. Tot en met 5 maart 2020 loopt een openbaar onderzoek waarbij al wie wil opmerkingen of bezwaren kan indienen. Binnen negen maanden volgt een beslissing over de definitieve bescherming.

Landgoed Maisin situeert zich op de historische tiende- en gemeentegrens van Kessel-Lo en Korbeek-Lo, in gehucht ‘De Mol’ en op de heuvelflank van de Predikherenberg, één van de getuigenheuvels rond Leuven. “Al in 2014 vroeg de stad Leuven aan Vlaams minister van Onroerend Erfgoed een eerste keer de bescherming aan van een aantal waardevolle domeinen langs de Tiensesteenweg. Deze vraag kaderde in het onderzoek dat de dienst onroerend erfgoed had gevoerd naar de historische betekenis van de Tiensesteenweg en het belang van het behoud van de belangrijkste historische elementen hierop. We zijn dan ook verheugd dat kasteel Maisin met park voorlopig beschermd wordt en hopen dat de bescherming van een aantal andere domeinen snel volgt”, aldus Carl Devlies, schepen van Onroerend Erfgoed.

Eigendom van Abdij van Park 
De gronden van het later gebouwde kasteel Maisin maakten vroeger deel uit van de zogenaamde Lo(o)bossen, een omvangrijk aaneengesloten bosgebied dat zich ten zuiden en oosten van de stad op een deel van de getuigenheuvelruggen bevond. Al vanaf de 12de eeuw behoorde dit domein tot de Abdij van Park. Na de opheffing van de abdij kwamen de terreinen in privébezit. Doorheen de 19de eeuw werden de gronden samengevoegd en in 1894 verworven door de familie Tops-Van Cutsem, die de gebouwen verbouwde, het domein aan zijn landbouwfunctie onttrok en tot siertuin omvormde.

Door oorlogsschade aan het domein liet weduwe Tops-Van Cutsem in 1921-1922 een nieuwe neoclassicistische villa optrekken. Bij het ontwerp van dit landhuis werd bewust gekozen voor een totaalontwerp waarbij de nieuwe villa niet meer aan de straat maar te midden van het domein werd ingeplant en waarrond een volledig park werd aangelegd. Voor de aanleg van dit nieuwe park werd beroep gedaan op Léon Rosseels, vierde generatie van de gekende Leuvense landschapsontwerpersfamilie. Hij ontwierp een romantische landschapstuin, waarbij niet alleen oudere gebouwen in het tuinproject werden geïntegreerd, maar ook bewaarde landschapselementen, zoals de glooiende heuvelflank, de holle oude grensscheiding, de steilranden als gevolg van de vroegere ontginningen en reeds aanwezige bomen. Het hele concept bleef tot op vandaag bewaard.

In 1938 werd het domein verkocht aan de Leuvense professor Joseph Maisin, drijvende kracht achter het Leuvense kankerinstituut op de Hertogensite, dat binnenkort herbestemd zal worden. Hij stelde de gereputeerde wederopbouwarchitect Lucien Spéder aan om het kasteel in 1950-1951 te verbouwen tot zijn huidige vorm.

Erfgoedwaarden en getuigenheuvels
Het domein bewaart verschillende lagen van een lange geschiedenis. Kasteel Maisin en park worden dan ook beschermd als monument omwille van de historische, architecturale, wetenschappelijke en esthetische waarden.

De getuigenheuvels zijn zeer bepalend voor het landschap in en rond Leuven. Ze maken deel uit van de Hagelandse heuvels, zichtbare getuigen van de aanwezigheid van de zee in het mioceen (een geologische periode van ca 23 tot 5,3 miljoen jaar geleden) waarbij in deze regio zandbanken werden gevormd. Bij de vorming van de Alpen, zo’n 5 miljoen jaar geleden, werd de bodem tot in onze streken opgetild waardoor de zandbanken boven het water kwamen te liggen. Door de ijzerzandsteen, een hard materiaal waaruit ze zijn opgebouwd, zijn ze niet weggeërodeerd en dus nog steeds aanwezig.

“De bewaring van het groene en historische karakter van de Leuvense getuigenheuvels, het goede beheer en een eventuele ontsluiting ervan zijn speerpunten in ons nieuw ruimtelijk structuurplan”, besluit schepen Devlies.

Procedure
Momenteel loopt in het kader van de voorlopige bescherming een openbaar onderzoek tot en met 5 maart 2020. Op die manier heeft iedereen de kans om opmerkingen of bezwaren kenbaar te maken. Binnen negen maanden beslist de Vlaamse minister van Onroerend Erfgoed over een definitieve bescherming.

 

Foto: beeldbank Agentschap Onroerend Erfgoed, (c) Helena Duchêne

Over de auteur

Kirsten Bosmans

Kirsten Bosmans