Nijpend personeelstekort zet Vlaams-Brabantse KMO’s onder druk

Ann Peeters
3 maanden geleden
door Ann Peeters

Uit de enquêteresultaten van het nieuwste UNIZO-rapport over de nijpende krapte op de arbeidsmarkt, blijkt dat 42% van de KMO-werkgevers al minstens één lopende vacature zonder gevolg heeft stopgezet “omdat er toch geen geschikte kandidaten op reageerden”, en maar liefst 84% ervaart in het algemeen grote problemen bij het vinden van bijkomend personeel. Een aspect dat daarbij vaak onderbelicht blijft, is de enorme druk die het zet op de betrokken werkgevers en hun onderbezette personeelsploeg. Zo ziet 60% van de werkgevers geen andere mogelijkheid dan zelf extra uren kloppen om het werk gedaan te krijgen. Waar het gaat om KMO’s met al een aantal medewerkers, moeten ook die in 51% van de gevallen noodgedwongen een tandje bijsteken.

“Ondernemers moeten alsmaar meer ‘stretchen’ om hun zaak draaiende te houden”, zegt Elke Tielemans, directeur UNIZO Vlaams-Brabant & Brussel. “Je kan dat een tijd volhouden, maar uiteindelijk wreekt zich dat en dreigen we af te stevenen op een epidemie van burn-outs, bij de KMO-werkgevers, en hun medewerkers.”
Ook de Vlaams-Brabantse arbeidsmarkt staat onder druk. We scheren hoge toppen, want het aantal vacatures breekt de laatste jaren alle records. Het aantal werkzoekenden daarentegen daalde in dezelfde periode. De achterliggende redenen voor deze dynamiek op de arbeidsmarkt zijn divers:

• De vergrijzing: de babyboomgeneratie treedt uit
• Jongeren studeren langer
• De conjunctuur: de economie groeit en het aantal jobs stijgt

We zullen dus alle beschikbare talenten nodig hebben om alle vacatures in te vullen:

Op het vlak van werkloosheidsgraad is Vlaams-Brabant met 5.4% de 2e best presterende provincie na West-Vlaanderen (5.0%) en voor Oost-Vlaanderen (6.2%), Limburg (6.4%) en Antwerpen (8.1%). Vilvoorde (8.6%), Machelen (8.2%), Wemmel (7.5%), Leuven (7.4%) en Tienen (7.2%) zijn de gemeenten met de hoogste werkloosheidsgraad.

De werkzaamheidsgraad bedroeg in 2016 (meest recente cijfer) 73.3% voor de 20 tot 64-jarigen. Hier doen we het minder goed dan West- en Oost-Vlaanderen (resp. 74.8% en 73.9%). In het Brussels Hoofdstedelijk gewest bedraagt die 52.8%.

UNIZO Vlaams-Brabant & Brussel schuift daarom volgende prioriteiten naar voor:

Laat VDAB, FOREM & Actiris intenser samenwerken

UNIZO bepleit een beleid waarbij de volledige arbeidsreserve mee het bad wordt ingetrokken, over de gewestgrenzen heen, mede dankzij een betere interregionale samenwerking.

Vacatures en werkzoekenden moeten over de gewestgrenzen heen met elkaar uitgewisseld worden en volledig meegenomen in de werking van de verschillende tewerkstellingsdiensten. Brusselse en Waalse werklozen moeten actief begeleid worden naar Vlaamse vacatures en omgekeerd. Actiris, FOREM en VDAB moeten dienstverlening uitbouwen die niet alleen de werkzoekende, maar ook de werkgever centraal stelt.

Investeer in mobiliteit

Een betere bereikbaarheid van bedrijven -onder meer met het openbaar vervoer en de fiets- is volgens UNIZO eveneens essentieel om meer mensen op de werkvloer te krijgen.

Openbaar vervoer is cruciaal om te zorgen dat werkenden eenvoudig, tijdig en veilig op het werk geraken en dat op elk uur van de dag. Via het decreet basisbereikbaarheid wordt vervoer op maat uitgebouwd op basis van tewerkstellingsgebieden. Werk ook een uniform tarief en ticket over verschillende vervoersmaatschappijen uit, zodat een verplaatsing over gewestgrenzen heen eenvoudig wordt.

Stimuleer het gebruik van de fiets door werk te maken van veilige fietsverbindingen van en naar bedrijventerreinen. Het Gewestelijke Expresnet (GEN) rond Brussel moet tot slot zo snel mogelijk volledig operationeel zijn, waardoor er snellere en frequente verbindingen komen tussen het centrum en de randgemeenten.

Over de auteur

Ann Peeters

Ann Peeters