LEUVEN: COLUMNVan oude naar dure olifanten?

Hoe hoger de gebouwen, hoe lager de morele waarden…Met die woorden omschreef de Engelse acteur Noël Coward de evolutie van Londen in de vorige eeuw. Er valt iets voor te zeggen. Gelukkig heeft Leuven op de L na weinig gemeen met Londen. En toch woedt momenteel ook in Leuven een discussie over zin en onzin van hoogbouw.

Klokkenluider van dienst is het Leuvens Historisch Genootschap (LHG). Het masterplan voor de Hertogensite –stadskanker eerste klas- is immers een stevige doorn in de ogen van voorzitter Paul Reekmans en secretaris Ramon Kenis. Zij zien een Manhattan aan de Dijle verrijzen en van de gedachte alleen al rammelen hun ervaren knoken zoals de ruimtelijke ordening rammelde in de jaren ’70 van de 20ste eeuw.

“We moeten vaststellen dat er plots drie woontorens op het masterplan staan. Twee oude olifanten vervangen door drie nieuwe…Men is brokken aan het maken”, klinkt het bezorgd. De reden voor de hogere woontorens is niet ver te zoeken. Het Leuvens Historisch Genootschap wou en kreeg meer groen op de Hertogensite maar daardoor sneuvelden wel enkele geplande gebouwen. Bijgevolg groeiden de torens ter compensatie. Schepen Carl Devlies (CD&V) geeft toe dat meer groen tot meer hoogbouw heeft geleid maar benadrukt dat de hoogbouw toch nog beperkt is gebleven.

LHG stelt zich nu niet geheel onterecht de vraag of de projectontwikkelaar aan het roer stond in de kwestie. Paul Reekmans en Ramon Kenis wijzen er ook op dat een studie hoogbouw uitsloot in het centrum van Leuven maar dat een bijkomende studie toch ‘een gaatje’ zag voor hoogbouw op de Hertogensite. Dat zou de deur kunnen openen naar nog meer hoogbouw in de toekomst en daar zouden de projectontwikkelaars natuurlijk niet rouwig om zijn. De heren met het grote geld staan niet stil bij zichtlijnen, zij houden zich eerder bezig met zichtrekeningen. In die zin is het onrustwekkend dat er ergens in een stoffig kantoor een document is opgedoken met daarop locaties voor een 15-tal extra torens in Leuven. Reekmans en Kenis rekenen er terecht op dat schepen Carl Devlies zich in de toekomst niet zal laten rollen door de gladde projectontwikkelaars die van Leuven maar al te graag klein Londen of klein Manhattan zouden willen maken. Dat gezegd zijnde, echt ‘grote’ gebouwen respecteren de kleine bakstenen in een stad. En met groot bedoelen we niet per definitie ‘hoog’. Niet in meters en niet in prijzen, al is dat laatste kalf wellicht verzopen in Leuven. Op de morele waarden van de projectontwikkelaars hoeven de minder rijke Leuvenaars alvast niet te rekenen. Wat dat betreft had Noël Coward alvast gelijk.      

Bart Mertens

Over de auteur

Leuven Actueel

Leuven Actueel