Column: Leve ‘t Leives

Bart Mertens
5 jaar geleden
63 Views
door Bart Mertens

Deis es importante informoose vei al doë die in Leive wuene, van woo da’s uek meigen afkomsteg zen… of welke tool of dialekt da ze uek klappe. Het echte Leuvense dialect…of ook: ’t Leives. Geheel terecht is ’t Leives terug aan een opmars bezig bij de onderontwikkelde inwoners van onze stad die zich beperken tot algemeen Nederlands of hun eigen streekdialect.

Weinig inwoners van onze prachtige stad kunnen nog echt Leives klappen. Ondergetekende hoort ook bij die grote groep onderontwikkelde sukkelaars die hun dialect niet machtig meer zijn en de ‘schuldige’ daarvoor zijn onze lieve ouders die in de tweede helft van vorige eeuw ervoor kozen om hun kroost op te voeden in het toenmalige ABN. Of minstens in een soort tussentaaltje. Geen verwijt uiteraard. Een andere reden voor de teloorgang van ’t Leives is het steeds groeiende contingent aan inwijkelingen in Leuven.

Dat gezegd zijnde wint ’t Leives de laatste jaren steeds meer aan belangstelling. Geheel terecht want een dialect verloren laten gaan, is een beetje hetzelfde als je afkomst verloochenen. In Leuven waakt onder meer de Academie voor het Leuvens Dialect erover dat ’t Leives deel blijft uitmaken van ons collectief geheugen. Afgelopen week werd er wat dat betreft opnieuw een stukje geschiedenis geschreven. Na de vondst van de oudste optekening in ’t Leives –een enquêteschriftje uit 1885- in het stadsarchief werd het bijzonder waardevolle document op 13 november door burgemeester Louis Tobback overhandigd aan KANTL (Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde), die het document opnieuw aan de collectie in Gent zal toevoegen. Het schriftje blijkt immers niet enkel de oudste geschreven bron in ’t Leives te zijn maar ook een vermist onderdeel van de oudste dialectenenquête (de enquête Willems, n.v.d.r) van de Zuidelijke Nederlanden.

Gedurende vele jaren bewaarde verzamelaar Eugène Sprengers het schriftje met veel zorg, tot zijn collectie na het overlijden van Sprengers in 2002 werd aangekocht door de stad Leuven. We mogen Eugène dankbaar zijn voor de goede zorgen voor schriftje nummer 166 van 349 in totaal, al blijft het een groot mysterie hoe het oudste geschreven document in ’t Leives in zijn collectie verzeild is geraakt. En laat ons zeker de 24-jarige Karel Verschueren niet vergeten in dit verhaal want hij vulde in de 19e eeuw schriftje nummer 166 nauwgezet in. Professor Willems bedankte hem met de vermelding ‘allesbest’ voor zijn prestatie. Laat ons bij deze hetzelfde doen voor Eugène Sprengers. Allerbest, Eugène! Benieuwd wat hij ervan gedacht zou hebben dat het oudste geschreven document in ’t Leives naar Gent verhuist…

 

Over de auteur

Bart Mertens

Bart Mertens