BNI boven de doopvont gehouden in Keerbergen Al dertig leden aangesloten

Stefan Van de Weyer
3 jaar geleden
door Stefan Van de Weyer

Een nieuwe BNI met dertig leden in Keerbergen stelt zich als doel om ondernemers uit de regio samen te brengen en sterker te maken. De groep, waarvan het nieuwe bestuur al verkozen werd, benadrukt dat er voor concurrentie evenwel geen plaats is.

In De Witte Meren aan de Mereldreef in Keerbergen is de aftrap gegeven van een nieuw ondernemersnetwerk, Keerbergen en Meer. Het net in het leven geroepen Business Network International Chapter (BNI) telt al meer dan dertig leden uit onder andere Aarschot, Bonheiden, Rotselaar, Keerbergen, Tremelo, Putte en Heist-op-den-Berg. Het bestuur is intussen verkozen, Patrick Jansen van New Optics uit Keerbergen wordt de eerste voorzitter, Catherine De Preter van apotheek Salvia en huidinstituut SkynCare uit Keerbergen is ondervoorzitter. Isabel Van der Auwera van bouwonderneming Janssens uit Putte tenslotte wordt secretaris en penningmeester.

Het nieuwe BNI heeft als doel om ondernemers samen te brengen en te netwerken. Ze komen wekelijks met elkaar in contact. Ze kunnen eventueel elkaars problemen samen oplossen. Tot het officiële startmoment op 7 juni in het gemeentelijk centrum Den Bussel op de Haachtsebaan worden geen extra leden aanvaard. Daarna kunnen geïnteresseerden het lidmaatschap aanvragen. De bijeenkomst op 7 juni is alleen voor leden. In het BNi is echter geen concurrentie toegestaan. Dat wilt zeggen dat twee ondernemingen met dezelfde activiteit niet in het netwerk worden toegelaten.

Heel wat sectoren zijn intussen vertegenwoordigd, van tuinaanleg, schilderwerken en drankautomaten tot de wijnindustrie, de architectuur en de advocatuur. Ze moeten elkaar in een mum van tijd uitleggen wat ze doen en een aspect van hun branche toelichten. Het wordt speeddaten op zakelijk niveau geheten.

Om de zes maanden krijgt het BNI een nieuw bestuur. De eerste tien maanden blijft het huidige bestuur wel op post.

Over de auteur

Stefan Van de Weyer

Stefan Van de Weyer